• Jordi Ramon

Kleine Jongen, Groot Hart #1



Er was eens een jongen. Die jongen had het niet altijd heel makkelijk gehad. Hij was in het begin best ziek, z’n ouders gingen scheiden toen hij heel jong was maar eigenlijk had alles toen nog goed kunnen aflopen. Z’n moeder was een vrolijk mens, maar z’n vader iets minder. Toen zijn vader opnieuw trouwde, bleek zijn nieuwe vrouw zo nodig nog minder vrolijk. De vader en zijn nieuwe vrouw besloten de hele wereld tegen zich in het harnas te jagen, met de jongen als makkelijk mikpunt. Ook de moeder van de jongen en zijn twee zusjes moesten het ontgelden. Hun plannen om alles en iedereen tegen elkaar op te zetten mislukten keer op keer, en ze vluchtten naar een ver land om daar op een afstand tot op de dag van vandaag te gaan zitten kniezen. Van loslaten en doorgaan met je leven hadden ze nog nooit gehoord.


De kleine jongen bleef achter met veel vragen en weinig antwoorden. En hoewel hij opgroeide en een leuke snuiter werd, smeulde er toch iets van binnen. Toen hij oud genoeg was om om zich heen te gaan slaan, maar nog te jong was om dat gericht te doen leek de boosheid over de nare behandeling door zijn vader niet langer te smeulen, maar flink te gaan fikken. De boosheid paste niet in zijn hoofd en niet in zijn hart en begon te knellen. Had hij iets meer op zijn vader geleken, dan had hij alles en iedereen de schuld gegeven van zijn problemen. Gelukkig lijkt hij op zijn moeder en toen deed de jongen iets wat meer mensen zouden moeten doen. Hij was zijn boosheid zat en stapte in de auto, reed naar zijn vader en vertelde hem eens flink de waarheid maar gaf hem ook de kans zijn kant van het verhaal te vertellen. De vader was nog altijd kwaad op alles en iedereen, inclusief op zichzelf. De jongen bedacht dat de vader hem van alles vertelde, maar dat dat eigenlijk geen antwoorden waren.


De jongen bekeek het tafereel en besloot alles los te laten, waaronder zijn boosheid. En hoewel hij niet de vader terugvond die hij misschien hoopte te vinden, keerde hij terug naar huis met de gedachte dat hij in weliswaar geen vader had waar je gezellig een biertje mee gaat drinken, maar dan in ieder geval nu een vader had waar hij niet meer boos op was. Toen ik het verhaal hoorde hoopte ik dat de vader wat van de jongen had geleerd. Ik in ieder geval wel.


80 views

Recent Posts

See All